8. Verraden voor 5 gulden.

Studenten mochten alleen nog studeren als ze trouw beloofden aan Hitler. Deed je dat niet dan moest je naar Duitsland om daar te werken. Dat wilden veel jongemannen niet. Zij besloten daarom onder te duiken. Dirk Vlaanderen, de zoon van de huisarts in Koudekerk, besloot onder te duiken, maar hij werd verraden en moest naar een strafkamp in Duitsland.



Dirk Vlaanderen, de zoon van dokter Vlaanderen, studeerde biologie in Groningen. Op een dag kreeg hij te horen, dat hij moest komen om een solidariteitsverklaring te komen ondertekenen. Dat betekende dat hij de Duitse bezetter niet zou tegenwerken. Deed hij dat niet dan mocht hij niet meer studeren en werd hij naar Duitsland gestuurd om te werken. Veel studenten deden dat niet. Dirk was het ook niet van plan. Hij wilde ook niet naar Duitsland en besloot daarom onder te duiken. Eerst deed hij dat bij een vriendinnetje in Oegstgeest en later vertrok hij naar een boerderij in Saksen, in Drenthe.

Iemand in Saksen, (waarschijnlijk de plaatselijke kapper) wist dat er onderduikers op de boerderij waren. Hij verraadde de jongens. Daarvoor kreeg hij van de Duitse politie 5 gulden per onderduiker. Dirk en de anderen werden opgepakt en afgevoerd naar kamp Amersfoort. Dat was een strafkamp waar de mensen in barakken, woonden. Ze kregen kampkleren aan. Het eten was er slecht. Veel mensen waren ziek. Dirk was een jonge, gezonde man. Hij werd gedwongen om hard te werken. ‘s Morgens verliet hij met andere gevangenen lopend of in vrachtwagens het kamp. De mannen moesten in de buurt van Amersfoort werken. Soms bij een bedrijf, soms in de bossen of op de vliegbasis Soesterberg. Daar was het vaak gevaarlijk, omdat de Engelsen het vliegveld geregeld bombardeerden.

Mensen uit Amersfoort gooiden briefjes en stompjes potlood op de hei waar de mannen overheen liepen. Die werden door de mannen opgeraapt. ’s Avonds schreven ze op die papiertjes korte briefjes naar hun familie. De volgende dag gooiden de mannen de briefjes op de hei. Als ze voorbij waren, raapten mensen uit de buurt ze op. Zij zorgden ervoor dat de briefjes verstuurd werden. Dirk zijn briefjes werden naar zijn ouders in Koudekerk gestuurd. Om zijn familie niet ongerust te maken, schreef hij dat het leven in het kamp wel meeviel.

Op een dag ontving dokter Vlaanderen een brief waarin stond dat Dirk naar Duitsland zou worden gestuurd. Als de familie hem nog een pakketje wilde geven, dan kon dat op een bepaalde dag op het station van Amersfoort. Dirk zijn broer Eric en zijn moeder Nannie reisden naar Amersfoort. Daar zagen ze elkaar, zoals later zou blijken, voor het laatst. Eric en Nannie stonden op een ander perron naar Dirk te kijken. Ze mochten en konden niet met elkaar praten. Een pijnlijke herinnering voor alle drie.

Dirk kwam terecht in kamp Rothenburg bij Hannover. Het kamp waarin hij gevangen zat, werd in april 1945 door de geallieerden bevrijd. Dirk was toen 24 jaar. Hij was echter, net als heel veel gevangenen, besmet met tyfus, een darmziekte. Door de slechte voeding in het kamp woog hij nog maar 30 kilo. De bevrijding kwam voor hem te laat. Dirk overleed op 13 juni, voordat hij naar Nederland kon terugkeren. Zijn lichaam werd begraven in een verzamelgraf. Later werd het door de Stichting Oorlogsgraven geïdentificeerd en herbegraven op het Ereveld Loenen.


terug

 

let op: deze site werkt niet (goed) op mobiel en tablet!!!

terug naar boven

in de pagina